Posts tonen met het label Lu Min. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Lu Min. Alle posts tonen

vrijdag 5 januari 2024

Wat is er dit jaar verschenen: 2023

Het is weer een goed jaar geweest voor Chinese literatuur in Nederlandse vertaling, en dat is een overzicht waard. Ik gebruik de term ‘Chinese literatuur’ voor het gemak maar even in de allerbreedst mogelijke zin, dus in deze lijst niet alleen proza dat in China in het Mandarijn is geschreven door een Han-Chinese auteur, maar ook bijvoorbeeld poëzie uit Taiwan en een roman geschreven in Xinjiang en vertaald uit het Oeigoers.

Fictie

De klacht van de buffel
Diverse auteurs
Vertaling Wilt Idema

China heeft geen grote traditie van dierenverhalen, maar Wilt Idema heeft er in dit boek toch een aantal bij elkaar gebracht. De buffel uit de titel beklaagt zich omdat hij na een heel leven belangeloos hard werken zomaar geslacht wordt. De muizen en de katten voeren oorlog nadat de katten de muizenbruiloft wreed hebben verstoord. De zwaluw keert terug naar zijn nest en treft daar een mussen-familie aan die niet van plan is te vertrekken, zodat de feniks recht moet spreken in deze gevoelige kwestie. Stuk voor stuk fijn vertaald en uitstekend ingeleid.

Hormonen in de nacht
Lu Min
Verschillende vertalers, onder redactie van Annelous Stiggelbout

Tien verhalen over heel gewone mensen, wier heel gewone leven ontspoort door kleine obstakels – vaak veroorzaakt door op hol geslagen hormonen. Nog meer dan over seks gaan deze verhalen over de tijd, verval en de onvermijdelijke dood, maar dan wel met humor en enige absurde situaties.

Het Confucius Instituut Groningen heeft deze bundel mogelijk gemaakt: deze bundels zijn een doorgaand project, waarbij een verhalenbundel van een auteur wordt vertaald door verschillende vertalers, ervaren en minder ervaren, onder redactie van een ervaren vertaler. Doordat China op slot was naar aanleiding van de covid-pandemie kon Lu Min helaas niet naar Nederland komen, maar we hebben haar wel per Zoom vragen kunnen stellen. Twee jaar geleden is dankzij dit project de dichtbundel Ik schrijf gedichten omdat ik een toeval ben verschenen, van Wang Jiaxin, en hopelijk kunnen we komend jaar weer iets moois maken.

De achterstraten
Perhat Tursun
Vertaald via het Engels door Irwan Droog

‘Het boek volgt een naamloze Oeigoerse man die Ürümqi komt. In zijn zoektocht naar een kamer, een plek om de nachten door te brengen, ontmoet hij niets dan koude blikken en afwijzing. Hij zwerft door de achterstraten en dwaalt door de eeuwige dichte mist die de stad teistert.’

Misschien wel de eerste Oeigoerse roman die ooit in het Nederlands verschenen is. Mooi dat uitgeverij Jurgen Maas haar werkgebied verder uitbreidt hiermee. Schrijver Perhat Tursun is, met vele van zijn volksgenoten, inmiddels in een strafkamp verdwenen; de anonieme Oeigoerse vertaler die Perhats Engelse vertaler assisteerde ook.

Notities van een theoreticus
Shi Tiesheng
Vertaling Mark Leenhouts

'Voor Shi Tiesheng, als gerolstoeld schrijver, is lichamelijke beperking altijd een uitgangspunt geweest voor bespiegelingen over het menselijke gebrek in het algemeen. "Hardop nadenkend" laat hij in dit eigenzinnige zelfportret zijn eigen herinneringen samenvloeien met herinneringen aan een handvol anderen, mensen van wie hij het leven op verschillende manieren door het lot getekend ziet.' Een van de meest geliefde schrijvers van China, nu eindelijk eens uitgebreid in het Nederlands vertaald.

De spijker
Zhang Yueran
Vertaling Annelous Stiggelbout

Li Jiaqi komt na achttien jaar afwezigheid weer terug in de wijk waar ze is opgegroeid, en ontmoet daar haar jeugdvriend Cheng Gong weer. In een lange donkere nacht vertellen ze elkaar over hun jeugd en hoe het hen sindsdien vergaan is, en langzaam wordt duidelijk hoe het lot van hun families met elkaar verbonden is door gruweldaden begaan tijdens de Culturele Revolutie, en hoe die ook henzelf nog altijd tekenen. Een van de beste boeken van het jaar volgens Volkskrant én NRC én FD.


Poëzie

Silvia Marijnissen bouwt nog altijd onvermoeibaar voort aan een breed oeuvre van poëzievertalingen uit het Chinees, en dankzij haar inspanningen zijn dit jaar verschenen:

Als ijzer zo stil
Zheng Xiaoqiong
Vertaling Silvia Marijnissen

Zheng Xiaoqiong was zelf migrantarbeidster: ze heeft jarenlang in fabrieken in Zuid-China gewerkt. Nu schrijft ze over migrantarbeiders, en dan vooral de vrouwen onder hen. De compassie en het engagement is duidelijk te lezen in haar gedichten en ze wil met haar poëzie de omstandigheden tonen waarin onze spullen gemaakt worden. Ze toont in haar poëzie de menselijkheid van de arbeiders, hun dromen en wensen, hun ideeën over hun werk en de spullen die ze maken, maar ze is zich ook zeer bewust van het grotere plaatje: milieuverontreiniging door fabrieken; de disruptie van gemeenschappen door de industrialisatie; de kloof tussen arm en rijk, niet alleen in China, maar ook elders in de wereld, en het daaruit voortkomend populisme en conservatisme.

Levenslijn
Yinni
Vertaling Silvia Marijnissen

'Veel gedichten van Yinni zijn absurdistisch, recht voor de raap, humoristisch, en richten zich op de absurditeit en tegenstrijdigheden van het moderne leven. Poëzie is voor haar essentieel om te overleven, zoals blijkt uit het voorwoord van haar vijfde dichtbundel: ‘Voor ik poëzie begon te schrijven was ik slechts een rondtrekkend lijk.’ Haar zeer persoonlijke werk is wars van conventies, en haar ontluisterende observaties, emoties, verwarring, pijn, boosheid, zwakheden of verwondering tonen een moeizame relatie met de wereld. De personages die Yinni ons voorschotelt zijn dan ook vaak onaangepast of voelen zich verloren in een wereld waarvan de ‘regels’ hen ontgaan.'


Kinderboeken

Duan Xuefei, Het groene land
Jin Xiaoyu, De appelboom van opa Knor
Chen Zhou, Wat eten we vandaag?
Cedar Wang (Wang Zihuan), Codebreker Charlotte
Wen Ermin, Bootje van papier
Liu Hao, De worstelaars van het grasland

Kinderboekenuitgeverij Clavis geeft nu al best een tijd elk jaar weer een stapeltje Chinese kinderboeken uit, vooral prentenboeken. De oogst aan onderwerpen is dit jaar is weer divers: van een Mongoolse worstelaar tot een geheimzinnige code uit de Tweede Wereldoorlog tot een boom met lekkere appels. Jammer wel dat ik nergens kon terugvinden wie deze boeken in het Nederlands heeft vertaald, het staat zelfs niet in het colofon. (Misschien Lise Merken, sinologe die bij Clavis verantwoordelijk is voor de buitenlandse rechten?) 

*** 

Zelf vertaal ik langzaam maar gestaag verder aan Wencheng, de nieuwste van de beroemde schrijver Yu Hua. Hij is nog lang niet af, maar hij komt!

vrijdag 31 december 2021

Wat is er dit jaar verschenen: 2021

2021 was een goed jaar voor Chinese literatuur en poëzie in Nederlandse vertaling. Een goed najaar, vooral. Wat is er uitgekomen, in tamelijk willekeurige volgorde:

De droom van de rode kamer
Cao Xueqin
Vertaling Mark Leenhouts, Anne Sytske Keijser en  Silvia Marijnissen

Hét grote Chineseliteratuurnieuws van het jaar, of zelfs van de eeuw tot nu toe: de eerste integrale vertaling rechtstreeks uit het Chinees in het Nederlands van de Droom van de rode kamer is – eindelijk – af! Vertalers Silvia Marijnissen, Mark Leenhouts en Anne Sytske Keijser hebben er twaalf of dertien jaar (afhankelijk van wie je het vraagt) aan gewerkt en wij, de geïnteresseerde lezers, hebben er al die tijd geduldig op gewacht, en nu is het boek er dan.

Het vier delen dikke boek vertelt over de wederwaardigheden van (vooral) de jonge Jia Baoyu en zijn nichtjes, alle telgen uit de rijke familie Jia. Baoyu moet eigenlijk hard studeren, zodat hij net als zijn vader en ooms ambtenaar kan worden en de rijkdom en macht van de familie Jia voort kan zetten, maar liever gaat hij op bezoek bij zijn nichtjes of dolt hij met zijn dienstmeisjes. Tegelijk is het geheel een boeddhistische allegorie: uiteindelijk is alles leegte en ijdelheid. 

De presentatie van het boek, met interessante inleiding door Anne Sytske Keijser, is op YouTube terug te kijken.

Vooral dankzij de inspanningen van Silvia Marijnissen verschijnen er de laatste paar jaar opvallend veel bundels uit het Chinees vertaalde poëzie. Vorig jaar kregen we Yang Mu en Ye Mimi, dit jaar:

Ik schrijf gedichten omdat ik een toeval ben
Jidi Majia
Vertaling Silvia Marijnissen

Jidi Majia (1961) behoort tot de Nuosu, een minderheidsvolk uit de provincie Sichuan. Hij werd bekend met zijn poëzie die stevig geworteld is in de tradities van zijn volk. 

Jidi Majia presenteert ons begripvolle gedichten voor de contingentie die de mens heet te zijn. Wat geluk is, wat lijden, dat moet iedere mens zelf maar uitvinden; het is, zo schrijft hij, niet aan de dichter dat uit te leggen. Daarmee keert hij heus zijn rug niet naar de maatschappij, want geluk en lijden zijn wel degelijk te benoemen.’

Een asgrauwe dageraad
Wang Jiaxin
Verschillende vertalers onder redactie van Silvia Marijnissen

In zijn hele werk is een voorliefde te zien voor het kleine, voor alledaagse details en gebeurtenissen, die Wang een bredere, algemenere waarde geeft. Door die aandacht voor het kleine klinken zijn gedichten vaak bescheiden, en dat wordt versterkt door de rustige toon van de gedichten die beschouwend, bijna vertellend is. Hij schuwt grote woorden en mijdt abstracties. Vrijwel alles is wat het is, wat overigens niet wil zeggen dat er geen diepere, metaforische betekenis achter zijn regels schuilt. Maar hij past geen kunstgrepen toe, laat zich niet verleiden tot woordspelletjes noch tot hermetische beeldspraak.’

Deze bundel is verschenen met subsidie van het Confucius-instituut van Groningen, en vertaald door verschillende vertalers, ervaren en minder ervaren, onder redactie van Silvia Marijnissen. Het Confucius-instituut Groningen heeft na sluiting van het Leidse Confucius-instituut het project van vertaalde bundels overgenomen. In samenwerking met het Leidse instituut zijn eerder verhalenbundels van Su Tong, Bi Feiyu, Xu Zechen en Zhang Yueran verschenen. Deze bundel van Wang Jiaxin is de eerste dichtbundel in de serie. De volgende wordt weer een prozabundel, met werk van Lu Min.

1000 jaar vreugde en verdriet
Ai Weiwei
Vertaling Koos Mebius en Gertie Mulder

De memoires van de bekende kunstenaar en activist Ai Weiwei. Ai Weiwei woont al jaren in Europa, dit boek is (naar ik heb begrepen in overleg met Ai zelf) vertaald uit het Engels en bovendien eerder non-fictie dan literatuur, maar ik zet ‘m wel in deze lijst, mede omdat dankzij de verschijning van Ai Weiwei’s memoires ook het werk van zijn vader, de dichter Ai Qing, nu in vertaling is verschenen:

Sneeuw valt op het land van China
Ai Qing
Vertaling Daan Bronkhorst

Tegelijk met Ai Weiwei’s boek, waarin hij veel schrijft over zijn vader, heeft uitgeverij Lebowski gedichten van Ai Qing uitgegeven, vertaald door Daan Bronkhorst. Van Ai Qing (1910-1996), een van de beroemdste dichters van zijn tijd, waren tot nu toe maar een paar gedichten in Nederlandse vertaling verschenen, dus het is een goede zaak dat er nu een hele bundel van zijn hand te lezen is.

Daan Bronkhorst heeft al heel wat bundels Chinese en andere poëzie vertaald en geredigeerd, goed om te zien dat hij daar na zijn pensioen gewoon mee doorgaat.

Drie lichamen-trilogie
Liu Cixin
Vertaling via het Engels door Eisso Post en Richard Heufkens

In 2020 verscheen deel 1, Het drielichamenprobleem, en dit jaar zijn vrij rap na elkaar de andere twee delen van deze groots opgezette trilogie verschenen. De bewoners van de planeet Trisolaris hebben het bestaan van de Aarde ontdekt door toedoen van een in de mensheid teleurgestelde Chinese wetenschapper. Hun eigen planeet is door de drie eromheencirkelende zonnen instabiel en moeilijk bewoonbaar, dus ze gaan op weg om de Aarde over te nemen. De Aardbewoners ontdekken dit en zetten zich aan de taak om de aanval af te slaan. 

Het is jammer dat deze boeken niet rechtstreeks uit het Chinees zijn vertaald, maar haastig uit het Engels. Evengoed is het verhaal zeer het lezen waard, Liu zet een grootse visie neer.

Gezangen van Chu
Qu Yuan
Vertaling Jeroen Struive

In De gezangen van Chu komt China tot leven. Dit ruim tweeduizend jaar oude klassieke werk bevat een verzameling gedichten en liederen van uiteenlopende toon en inhoud, grotendeels geschreven door de beroemde dichter Qu Yuan, die nog jaarlijks in de Chinese wereld geëerd wordt tijdens het Drakenbootfestival.’ 

Ook dit boek is verschenen met steun van het Confucius-instituut Groningen. Echt mooi dat dat instuut zo literair actief is.



Van mijzelf zou De spijker van Zhang Yueran dit najaar verschijnen. Het zou uitkomen in oktober, nee toch november, papiertekort, boekhandels dicht, het werd doorgeschoven naar januari, en het is nu weer verder uitgesteld. De nieuwe verschijningsdatum is nog onbekend, maar de vertaling is af, de drukproeven zijn nagekeken, dus het boek komt. Ik houd u op de hoogte.

vrijdag 10 juli 2020

Avondeten met zijn zessen – Lu Min

Foto van auteur Lu Min met het boek
Lu Min met "Avondeten met zijn zessen"
Zes personages, zes hoofdstukken verteld rond steeds een van de personages: Lu Min (1973) vertelt in haar rijke roman Avondeten met zijn zessen een Chinese West Side Story tegen de achtergrond van de afbraak van de socialistische zware industrie in de jaren 1990.

Een samengesteld gezin

Na het overlijden van haar man, een boekhouder, begint Su Qin een relatie met fabrieksarbeider Ding Bogang, die na het overlijden van zijn vrouw ook alleen is achtergebleven. Elke woensdagavond slaapt ze bij hem, elke zaterdag eten zij en haar twee kinderen bij Ding Bogang en diens twee kinderen. Een gezellig samengesteld gezin wordt het niet: de kinderen hebben weinig met elkaar op. Oudste zoon Ding Chenggong trekt zich zoveel mogelijk terug in zijn kamertje en zegt geen boe of ba tijdens het eten; onnozele dochter Zhenzhen slaagt er vooral om altijd de verkeerde opmerking te maken; Su Qins dochter Xiaolan, die goed kan leren, heeft alleen maar aandacht voor haar boeken; en haar dikke zoontje Xiaobai, die heel erg zijn best doet de aandacht van zijn gedroomde ‘grote broer’ Ding Chenggong te trekken, kan de sfeer niet redden.

De relatie eindigt na een jaar of twee, maar het verhaal niet. Langzaam wordt duidelijk dat de belangrijkste relatie in dit boek niet die tussen Su Qin en Ding Bogang is, maar tussen Ding Chenggong en Xiaolan. Ding Chenggong – zijn naam betekent ook nog ‘Succes’ – was vroeger een wonderkind, maar na de dood van zijn moeder ging het niet meer goed op school. Dat de duik in zijn schoolprestaties samenviel met het overlijden van zijn moeder wordt alleen heel in het voorbijgaan vermeld, waarmee de oorzaak van de hele tragiek van zijn leven haast in een bijzin wordt afgedaan. Ding Chenggong gaat van school, is een poosje werkloos en vindt dan een baan als glasblazer. Zwaar en hard werk zonder veel uitzicht op beter.

Xiaolan daarentegen, dochter van redelijk hoopopgeleide ouders, kan goed leren en studeert zich ijverig naar de pedagogische universiteit, waarna ze een baan krijgt als lerares en trouwt met een veelbelovende jonge ondernemer. Maar al die tijd blijft ze omgaan met Ding Chenggong. Ze delen een belangrijk deel van hun jeugd, en hoewel zijn leven mislukt is en het hare juist steeds beter wordt, blijven ze dat in elkaar herkennen. Hij omarmt zijn mislukking en vestigt al zijn hoop op haar succes, zonder iets voor zichzelf te vragen, zij maakt alles (vooral hem) ondergeschikt aan een beter leven voor zichzelf. Totdat de leegte van haar welvarende bestaan Xiaolan op een dag naar de keel grijpt en ze besluit haar succes en welvaart op te geven en Ding Chenggong haar liefde te verklaren. Het loopt niet goed af, natuurlijk.

Anders dan veel Chinese boeken vertelt Lu Min niets over de ouders en grootouders van haar hoofdpersonen of hoe het de families is vergaan in de roerige afgelopen eeuw. Ze bakent haar aantal personages en vertelde tijd scherp af: zes personen (en niet meer dan twee bijpersonages), twee generaties, een verhaal dat loopt van het begin van de relatie tussen Su Qin en Ding Bogang tot kort na de rampzalige explosie op het centrale kruispunt. Geen grootouders, geen buren – zelfs de overleden echtgenote en echtgenoot leren we niet kennen en we horen niets over hun relatie met hun gezin. Zes personen, that’s it.

China als klassenmaatschappij

Officieel bestonden er natuurlijk geen klassen in het socialistische China, maar in de praktijk wel, zo laat deze roman duidelijk zien. De vriendin die Su Qin aan Ding Bogang voorstelt, had nooit verwacht dat ze werkelijk iets met hem zou beginnen: hij is een lompe arbeider met weinig culturele bagage, en ook nog alcoholist. Zijn dochter Zhenzhen weet economisch wat te klimmen, maar dan wel dankzij een echtgenoot die handelt in afval, rommel en puin (hij wordt er goed rijk mee). Ding Chenggong weet zich ondanks zijn intelligentie niet te ontworstelen aan zijn achtergrond.

Su Qins familie aan de andere kant doet het beter: Xiaolan doorloopt de hele middelbare school én de universiteit (maar daar stokt ze: haar cijfers zijn goed genoeg, maar voor een goede baan moet je ook extracurriculaire activiteiten hebben ontplooid en dat heeft ze niet). Xiaobai vertrekt op zijn zestiende naar een school in het zuiden en zet later een bloeiende internetwinkel op.

En dit alles speelt tegen de achtergrond van de kapitalisering van de jaren 1990. Nadat Deng Xiaoping in 1978 aan de macht kwam en de Chinese economie in snel tempo openstelde en privatiseerde, raakte de zware industrie al snel in het slop. Ding Bogang is een typische arbeider uit een voorbije tijd: hij werkt in een (vervuilende en ongezonde) fabriek, woont in een woongebouw van die fabriek, gaat voor zijn dementie naar het fabrieksziekenhuis, ziet uit naar een pensioen betaald door de fabriek… Maar met de privatisering is die industrie sterk veranderd: veel verlieslijdende fabrieken werden gesloten, veel arbeiders ontslagen (waardoor ze dus ook hun woning kwijtraakten), pensioenen werden niet meer uitbetaald. De teloorgang van Ding Bogang loopt gelijk met de teloorgang van de socialistische industrie. Uiteindelijk wandelt de demente Ding Bogang elke ochtend over het centrale kruispunt van de wijk, en is hij elke ochtend weer geschokt door alle veranderingen daar.

Avondeten met zijn zessen (六人晚餐, 2012) is nog niet vertaald (een Zweedse vertaling is in de maak). Een aantal korte verhalen van Lu Min is vertaald in het Engels. Deze roman is in 2017 verfilmd als Youth Dinner.

Deze recensie verscheen eerder op China2025.nl